Skip Navigation Links  
  Broeder Boudewijn SCJ (Nol van den Heuvel) 13 jan. 1937 - 2 aug.  2009
      “Wie is die betrouwbare en verstandige dienaar
die de heer heeft aangesteld over zijn huispersoneel “
om hun op tijd eten te geven?” (Matt. 24,45)
    
Geboren aan de Meijelseweg Asten-Heusden op 13 januari 1937 groeide Arnold op samen met twee broers en vijf zussen in een tuindersgezin, dat later verhuisde naar de Bleekerweg in Heusden. Met zijn tweelingbroer Johan was hij de oudste in het gezin.
In de communiteit van ons interprovinciale vormingshuis te Brussel heeft broeder Boudewijn zelf een beschrijving gemaakt van zijn levensloop.
“Op 13 januari 1937 werd ik geboren in Asten-Heusden. Mijn kinderjaren zijn rustig verlopen. De lagereschooltijd was een rumoerige tijd vanwege de oorlogsjaren. Na de lagere school ging ik voor 3 jaar (1950-1953) naar het Missiehuis Christus Koning in Helmond.
Op 19 jarige leeftijd ging ik naar Bergen op Zoom als voorbereiding op het noviciaat. Van 1956 – 1958 maakte ik mijn noviciaat in Helmond. Daar legde ik mijn eerste gelofte af op 19 maart 1958.
Mijn eerste benoeming was het groot seminarie in Liesbosch (1958 – 1960). Hier begon ik ook mijn eerste culinaire opleidingen. In 1960 volgde een benoeming voor Sittard, waar wij een broederjuvenaat hadden. Hier verbleef ik van 1960 – 1961. Ook hier was de keuken mijn werkplaats, zij het voor een korte periode.
Omdat de zusters in Huize Sint Joseph terug moesten naar Duitsland, kreeg ik de taak om als Hoofd-Keuken hen te vervangen. Ik verbleef op Huize Sint Joseph van 1961 tot 1980. Na de renovatie van de keuken in Huize Sint Joseph vertrok ik naar Asten naar ons KloosterVerzorgingsHuis. In Asten heb ik de zusters vervangen die terug gingen naar Roosendaal en het werk in de keuken niet meer aankonden. Hier werkte ik van 1980 tot 1991 (en heb ook daar de keuken gerenoveerd).
Intussen was men bezig in Brussel een opleidingscentrum te stichten voor de vier Noordelijke Provincies. Op 14 januari 1991 zette ik voet op Belgische bodem. Tot ??? ( wie zal het zeggen)”
Tot zover het verslag van Boudewijn zelf.

Boudewijn was een goede kok. Hij heeft meegedaan aan landelijke wedstrijden om Maggi’s Zilveren Koksmuts en Nestlé’s Zilveren Koksmes en is met 3e en 4e prijzen thuis gekomen. Hij haalde ook een Wijncertificaat.
In het Interprovinciale Vormingshuis te Brussel was hij op een heel eigen wijze contactpersoon voor kandidaten en studenten en een bijzonder kracht voor het communiteitsleven. In deze periode nam hij deel aan de Generale Conferentie over ‘Broeders SCJ’ in Hales Corners, USA. En in 1997 was hij gedelegeerde van de Nederlandse Provincie in het Generaal Kapittel te Rome.
In Brussel is ook nog een heel andere kwaliteit van broeder Boudewijn tot ontwikkeling gekomen. Lange tijd heeft hij de oude pater Favaits dag en nacht verzorgd. Dat mocht alleen broeder Boudewijn doen. Misschien heeft Boudewijn zo ook geleerd wat verzorgen betekent en was hij daardoor die vier jaren in Asten altijd zo blij en dankbaar voor de zorg die hij kreeg. Het was altijd goed. En zo kon hij bij de verzorgenden veel klaar krijgen. Vooral met de taal van zijn ogen.
Op 23 maart 2005 werd broeder Boudewijn getroffen door een herseninfarct.
Na een opname in de St. Elizabethkliniek te Ukkel en een revalidatie periode in Hoensbroek kwam hij op 11 augustus 2005 in Asten aan om zijn intrek te nemen in Klooster Heilig Hart. De gevolgen van het herseninfarct maakte hem afhankelijk van de zorg, die hier geboden kon worden.

Broeder Boudewijn bleef optimistisch en blijmoedig, klaagde nooit en maakte het altijd goed. Zijn zussen en broers kwamen hem vaak opzoeken. Hij genoot van een ommetje door het dorp in de rolstoel. En dan even aanleggen bij Het IJspaleis. Vorig jaar maart heeft hij het gouden jubileum van zijn professie groots kunnen vieren en in september nog heel erg kunnen genieten van het cadeau: een Rijnreis op de boot van de Zonnebloem. De laatste twee jaar ging hij ook met plezier naar de dagbehandeling van de Zorgboog in Helmond.
Zijn gezondheid ging steeds verder achteruit. Hij voelde dat zijn leven ging eindigen. Gelaten wist hij het te aanvaarden: ‘het moet toch een keer gebeuren!’ Zelf vroeg hij om het Sacrament van Ziekenzalving. Omringd door zijn broers en zussen is hij op zondag 2 augustus heel vredig ingeslapen.
Op donderdag 6 augustus hebben we afscheid van broeder Boudewijn genomen in een plechtige Eucharistieviering en hem begraven op ons kloosterkerkhof in Asten

Communiteit Klooster H. Hart.
Rein van Langen scj, rector