|
| Onze spiritualiteit: Diaconie in onze
geloofsgemeenschappen |
| Inleiding |
Verhalen en lotgevallen van arm -
gemaakte mensen blijven ons raken. Deze mensen worden niet
waargenomen als ‘problemen’, maar als mensen die zoeken naar
veiligheid, bevestiging, eigenwaarde, als mensen die ruimte
vragen om in gerechtigheid te leven en hun naam met ere en
in vrede te dragen. Er zijn mensen die het voor deze ‘armen’
opnemen, en die hun ruimte willen bieden, en vervolgens
ontdekken dat, hiermee ook hun eigen ruimte verandert.
Ook in ons, voortrekkers en verspieders die zich inleven in
de wereld van de armen. Wij maken van diaconie onze
hartszaak. |
| Behoefte aan diensten in de
samenleving |
Diaconie richt zich vooral op mensen
in nood, bijzonder op hen die op structurele manier onrecht
wordt aangedaan. Daardoor wordt er een beroep op
barmhartigheid en zin voor rechtvaardigheid gedaan en je
wordt geraakt.
Nood heeft veel gezichten. De materiële armoede. Denk aan de
velen die op of onder het minimum moeten leven; aan
bijstandsvrouwen; randgroepjongeren; een aantal ouden van
dagen; vreemdelingen en vooral vluchtelingen, enzovoort. Er
is sociale armoede waardoor mensen geïsoleerd en uitgesloten
worden en voor wie toegang tot onderwijs en educatie een
gesloten wereld blijft; zieken en alleenstaanden die het aan
kontakten ontbreekt. Ook is er de geestelijke armoede. Veel
mensen verliezen zin en ziel, gaan leeg en droog door het
leven. De zucht naar drugs, porno en zinloos geweld is een
teken aan de wand. Geestelijke nood is te zien aan het leven
van veel mensen, vooral als zij in een crisis raken. |
| Een dienst vanuit de
geloofsgemeenschap |
Er gebeurt veel diaconie zomaar
belangeloos, waarbij de linkerhand niet weet wat de rechter
doet. Er is veel stille goedheid en toewijding, die ook in
onze samenleving handen en voeten krijgt.
Gedwongen armoede staat haaks op ‘t christelijk geloof en op
de geloofsgemeenschap.
De Vader van Jezus Christus heeft zich getoond als degene
die omziet naar, en ten diepste bewogen is om zijn mensen,
vooral om mensen in nood. Waar mensen in nood vergeten en
veracht worden is er geen ‘kennis’ van God in het land. (
Exodus, Thora (Wet) en Profeten).
Voor Israël geldt: waarachtig Godsgeloof komt tot uiting in
een passie voor barmhartigheid en gerechtigheid. Zo maken
zij werk van Gods ‘hartszaak’, zijn zij ‘Verbondsgenoten’.We
kennen het diaconaal gebeuren van de barmhartige Samaritaan.
Bij het bezoek van Jezus aan Marta en Maria heeft Jezus
behoefte aan een actief-luisterend oor. Wij tonen deze
barmhartigheid in onze directe omgeving: een hongerlijder
moet je te eten geven en een dakloze een onderkomen. Wij
tonen het door onze strijd tegen zondige structuren, die
oorzaak zijn van ellende en dood. |
| Een geloofsgemeenschap met een hart |
Als wij als betrokken pastores willen
bijdragen aan een geloofsgemeenschap met een hart, dan
dienen wij ons constructief-critisch te bevragen en te
bemoedigen rond de kwaliteit van de geloofsgemeenschap. Bij
diaconie gaat het niet alleen om handelen en geven, maar
vooral om luisteren en ontvangen. De vroegere caritas had
veel trekken van bédelen en bedélen. Daarbij wordt de ander
tot object gemaakt.
We dienen niet alleen de symptomen te signaleren en te
bestrijden, maar vooral ook naar de oorzaken te zoeken,
waarom zoveel mensen in nood verkeren. De ‘waarom-vraag’ is
belangrijk omdat we anders dweilen met de kraan open.
Hiervoor is samenwerking met anderen, vooral met de
betrokkenen belangrijk. Zij kennen de zere plekken en weten
welke stappen gezet kunnen worden. Zoveel bewegingen zijn in
het klein begonnen, maar hebben nu een breed draagvlak en
sterke weerklank.
Begenadigde pastores zijn present in buurt-, arbeids-,
junky-, stations-, woonwagen- en gevangenispastoraat. Van
hen kunnen wij veel leren:
bijvoorbeeld ‘onthaasting’, aanbieden van zichzelf,
trouw-zijn, erkenning van de eigenheid van de ander’ de
‘naaste’ worden, aansluiting bij de leefwereld van hen die
ons vreemd zijn.
In het basispastoraat kun je je oefenen in deze benadering
en in het onvermijdelijke werk dat zich aandient. Een
liefdevolle en onvoorwaardelijke toewending tot de ander.
Deze toewending dient ook door te klinken in onze wijze van
kerkopbouw, van liturgie en katechese.
Kerkopbouw: niet de structuren verdienen alle aandacht, maar
bijzonder ook de dienstbaarheid voor de kleine mens.
Liturgie: de onmacht en de dienstbaarheid dienen door te
klinken, het leven dient gevierd te worden. Zoals Jezus
eerst zijn handen in het water dompelde om de voeten van de
leerlingen te wassen en daarna aan tafel ging voor het
avondmaal.
Katechese: Diaconie is een geloofsgegeven en een opdracht,
waar we kennis van dienen te nemen. Vragen die we ons
daarbij stellen: waar gaat het om? Zit er kwaliteit in?
Hartskwaliteit?
Diaconie is wezenlijk voor een parochie en kan niet
‘uitbesteed’ worden. Het ligt besloten in haar zending. Als
voorganger laat een pastor zich dan ook informeren.
Geloofsgemeenschappen die zich bekeren tot de zaak van de
armen worden aantrekkelijker en geloviger! |
| Dan ben je een diaconale
geloofsgemeenschap |
Diaconie heeft in o.a in dekenaat
Druten altijd veel aandacht gehad, zowel door initiatieven
van pastores en parochianen persoonlijk, als georganiseerd
rond maatschappelijke noden. Dit zowel van katholieke zijde,
als oecumenisch. Zo rond ontzanding, zondagssluiting,
vuilverbranding. opvanghuizen, bedrijfsbeëindigers,
thuisstervenden enz.
Dienst aan de samenleving is ook grensoverschrijdend. De
vastenaktie is daar een sprekend voorbeeld van.
Vaak echter willen pastores, parochianen en anderen opkomen
voor een concrete maatschappelijke nood, maar missen daartoe
de geëigende middelen. Ze zouden graag hun ‘terechte
verontwaardiging’ uitbazuinen, maar missen een megafoon.
Velen doen ook nu nog een beroep op de Kerk en verwachten
van haar hulp. Zouden wij dit vertrouwen niet samen kunnen
delen, zodat wij hierop ons handelen als dienst van de
liefde kunnen baseren? |
| |
| |
|
|